Huurtoeslag Aanvragen 2026: Voorwaarden en Berekening

AntwoordDirect samengevat

Huurtoeslag is een maandelijkse overheidsbijdrage om uw huurlast te verlagen. U heeft er recht op als u een zelfstandige woning huurt, uw rekenhuur onder de € 879,66 ligt, en uw inkomen en vermogen aan de wettelijke grenzen voldoen.

Deze gids is gebaseerd op officiële informatie van Dienst Toeslagen, Rijksoverheid en andere Nederlandse overheidsinstanties.

Wat is huurtoeslag?

De huurtoeslag is een maandelijkse bijdrage van de Nederlandse overheid om wonen betaalbaar te houden. De regeling is bedoeld voor mensen met een lager inkomen die een woning huren. De overheid wil hiermee voorkomen dat een te groot deel van het inkomen opgaat aan woonlasten.

De uitvoering en de controle van deze regeling ligt bij Dienst Toeslagen. Dit is een zelfstandig onderdeel van de Belastingdienst. Zij bepalen of u aan alle voorwaarden voldoet en storten het bedrag maandelijks op uw rekening. Dit gebeurt meestal rond de twintigste dag van de maand voor de daaropvolgende maand.

Het ontvangen van huurtoeslag is een wettelijk recht voor iedereen die aan de eisen voldoet. De hoogte van de bijdrage hangt af van uw inkomen, uw vermogen, uw huurprijs en uw gezinssituatie. Hoe lager uw inkomen en hoe hoger uw huur, hoe meer toeslag u krijgt.

De regeling heeft een lange geschiedenis in de Nederlandse sociale zekerheid. Oorspronkelijk werd de regeling geïntroduceerd als de individuele huursubsidie. In de loop der jaren is de wetgeving meerdere keren aangepast om beter aan te sluiten op de woningmarkt. Tegenwoordig is de regeling vastgelegd in de Wet op de huurtoeslag.

De overheid past de bedragen en grenzen elk jaar aan. Dit gebeurt op basis van de inflatie en de loonontwikkeling in Nederland. Hierdoor blijft de toeslag meebewegen met de economische realiteit van huurders.

Wie komt in aanmerking?

Om in aanmerking te komen voor huurtoeslag moet u aan verschillende basiseisen voldoen. De regeling maakt onderscheid tussen verschillende groepen bewoners en huishoudens. Zowel alleenstaanden als gezinnen en studenten kunnen de toeslag ontvangen.

De belangrijkste voorwaarden zijn gekoppeld aan uw leeftijd, verblijfsstatus en uw woonsituatie. U moet in ieder geval 18 jaar of ouder zijn om de aanvraag te starten. Daarnaast moeten alle bewoners van de woning op het adres staan ingeschreven bij de gemeente.

DoelgroepBelangrijkste voorwaardeToelichting
AlleenstaandenEigen inkomen en vermogen onder de grensEr mag geen andere medebewoner op het adres ingeschreven staan.
Echtparen en ToeslagpartnersGezamenlijk inkomen en vermogen onder de grensDe inkomens en vermogens van beide partners worden bij elkaar opgeteld.
StudentenZelfstandige woonruimte met eigen voorzieningenHuurders van onzelfstandige kamers hebben meestal geen recht.
GepensioneerdenAOW-gerechtigd met aanvullend pensioenVoor deze groep gelden vaak ruimere inkomensgrenzen bij de toetsing.
Zelfstandig ondernemers (zzp)Winst uit onderneming bepaalt het toetsingsinkomenHet inkomen moet achteraf nauwkeurig worden getoetst door de fiscus.

Buitenlandse bewoners kunnen ook recht hebben op toeslag. U moet dan beschikken over een geldige verblijfsstatus in Nederland. Burgers uit de Europese Unie kunnen de toeslag onder dezelfde voorwaarden aanvragen als Nederlandse staatsburgers.

Voor specifieke doelgroepen gelden er soms extra regels. Zo kunnen gehandicapten onder bepaalde voorwaarden toeslag krijgen voor een duurdere, aangepaste woning. Ook voor gezinnen met acht of meer personen gelden ruimere regels voor de rekenhuur.

Alleenstaanden en hun specifieke regels

Alleenstaanden vormen een grote groep onder de ontvangers van huurtoeslag. Als alleenstaande huurder wordt u getoetst op uw eigen inkomen en uw eigen vermogen. Er mag geen andere volwassene op uw adres ingeschreven staan, tenzij dit een onderhuurder is met een zakelijk contract.

Het ontbreken van een partner zorgt ervoor dat u sneller de maximale toeslag bereikt bij een laag inkomen. Wel is de inkomensgrens waarbij de toeslag naar nul afbouwt lager dan bij gezinnen. U moet elke wijziging in uw huishouden direct melden. Als er iemand bij u intrekt, kan dat namelijk grote gevolgen hebben voor uw recht.

Gezinnen en toeslagpartners

Als u samenwoont, getrouwd bent of een geregistreerd partnerschap heeft, bent u voor de wet toeslagpartner van elkaar. Dit betekent dat Dienst Toeslagen uw inkomens en vermogens bij elkaar optelt. Dit gezamenlijke bedrag bepaalt of u recht heeft op ondersteuning en hoe hoog deze bijdrage is.

Voor gezinnen liggen de inkomensgrenzen ruimer dan voor alleenstaanden. De overheid houdt er rekening mee dat een meerpersoonshuishouden hogere kosten heeft. Ook als u kinderen heeft die bij u wonen, kan dit leiden tot een hogere toeslag of gunstigere rekenregels.

Studenten en onzelfstandige woningen

Studenten lopen vaak tegen de eis van een zelfstandige woning aan. De meeste studenten huren een kamer in een studentenhuis en delen de keuken, het toilet en de douche met anderen. In dat geval is er sprake van een onzelfstandige woonruimte en bestaat er geen recht op huurtoeslag.

Er zijn echter uitzonderingen. Sommige studentenflats zijn door de Belastingdienst aangewezen als complexen waarvoor wel toeslag mogelijk is, ondanks gedeelde voorzieningen. Dit moet u navragen bij uw verhuurder. Als u een zelfstandige studio of appartement huurt met een eigen voordeur en eigen voorzieningen, heeft u als student wel gewoon recht op huurtoeslag.

Gepensioneerden en ouderen

Voor huurders die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt, gelden er vaak gunstigere voorwaarden. De Belastingdienst hanteert bij de berekening van de basishuur andere tabellen voor ouderen. Hierdoor houdt u bij een gelijk inkomen netto meer toeslag over dan een jongere huurder.

Daarnaast gelden er voor gepensioneerden soms ruimere regels voor het vrijgestelde vermogen. Dit is bedoeld om te voorkomen dat ouderen die een klein aanvullend pensioen hebben opgebouwd direct buiten de boot vallen. Het Nibud adviseert ouderen om altijd een proefberekening te maken.

Zelfstandig ondernemers (zzp)

Als zzp'er heeft u geen vast maandsalaris. Uw inkomen kan per maand en per jaar sterk wisselen. Dit maakt de aanvraag van huurtoeslag uitdagender. U moet bij uw aanvraag een zo goed mogelijke schatting maken van uw winst uit onderneming voor het komende jaar.

Dienst Toeslagen keert op basis van die schatting maandelijks een voorschot uit. Na afloop van het jaar, wanneer uw definitieve belastingaanslag is vastgesteld, berekent de fiscus het werkelijke recht. Wijkt uw werkelijke winst af van uw schatting? Dan volgt er een nabetaling of moet u een deel terugbetalen. Het is daarom slim om uw geschatte inkomen gedurende het jaar direct aan te passen als uw omzet verandert.

Regels en Voorwaarden

De regels voor de huurtoeslag zijn streng en worden elk jaar aangepast door de overheid. Dienst Toeslagen toetst uw aanvraag op drie verschillende onderdelen. Dit zijn de rekenhuur, uw toetsingsinkomen en uw eigen vermogen.

De eisen aan de huurwoning en de rekenhuur

De toeslag geldt alleen voor zelfstandige huurwoningen. Dit betekent dat de woning moet beschikken over een eigen voordeur die op slot kan. Daarnaast moet de woning een eigen keuken, toilet en badruimte hebben. U mag deze voorzieningen niet delen met bewoners van andere adressen.

De rekenhuur is het bedrag waarover de toeslag wordt berekend. Dit bedrag bestaat uit de kale huurprijs plus maximaal 48 euro aan servicekosten. U mag maximaal 12 euro per post meetellen voor schoonmaak, huismeester, gemeenschappelijke ruimten en collectieve energie.

Leeftijd huurderMinimale rekenhuur 2026Maximale rekenhuur 2026
18 tot en met 20 jaar€ 282,10 per maand€ 454,47 per maand
21 jaar en ouder€ 282,10 per maand€ 879,66 per maand
Gezinnen met 8+ personen€ 282,10 per maand€ 879,66 per maand (ruimere regels)

Voor huurders onder de 21 jaar geldt een lagere maximale rekenhuur. Als uw huur boven deze grens ligt, heeft u geen recht op toeslag. De overheid maakt een uitzondering als u al op jonge leeftijd de zorg heeft voor een kind dat bij u woont.

De minimale rekenhuur is er om te voorkomen dat er toeslag wordt uitgekeerd over extreem lage huren. Dit komt in de praktijk zelden voor, behalve bij specifieke antikraakwoningen of vriendendiensten. De grens van € 282,10 is voor bijna alle reguliere huurwoningen in Nederland geen obstakel.

De maximale rekenhuur van € 879,66 voor volwassenen staat bekend als de liberalisatiegrens. Woningen met een hogere huur vallen onder de vrije sector. Over het algemeen bestaat voor deze woningen geen recht op huurtoeslag, tenzij u de woning al huurde met toeslag voordat de huur boven de grens steeg.

De grenzen voor inkomen en vermogen

Er is geen vaste inkomensgrens meer voor de huurtoeslag. Dienst Toeslagen berekent uw recht op basis van een glijdende schaal. Hoeveel u mag verdienen hangt af van uw rekenhuur en uw gezinssituatie. Wel geldt er een harde grens voor uw eigen vermogen.

Het vermogen is het spaargeld en de beleggingen die u bezit op 1 januari van het belastingjaar. Als u op die datum boven de grens zit, heeft u voor het gehele jaar geen recht op toeslag. Dit is een harde uitsluitingsgrond.

HuishoudsituatieMaximale vermogensgrens 2026Toelichting op vermogen
Alleenstaande huurder€ 36.952Spaargeld, aandelen en crypto tellen volledig mee.
Huurder met toeslagpartner€ 73.904 (samen)Het vermogen van beide partners wordt opgeteld.
Medebewoners (geen partner)€ 36.952 per medebewonerIeder lid van het huishouden heeft een eigen grens.

Het toetsingsinkomen is uw bruto jaarinkomen. Dit is de optelsom van uw salaris, vakantiegeld, uitkeringen en eventuele alimentatie. Eventuele aftrekposten, zoals de hypotheekrenteaftrek of specifieke zorgkosten, verlagen uw toetsingsinkomen.

Het vermogen dat u bezit wordt streng gecontroleerd. De Belastingdienst ontvangt de gegevens van uw bankrekeningen rechtstreeks van de banken. Het vermogen op 1 januari is de enige peildatum die telt. Als u gedurende het jaar geld schenkt of uitgeeft, heeft dat pas invloed op de toeslag van het volgende kalenderjaar.

Bij het bepalen van het inkomen moet u ook rekening houden met incidentele inkomsten. Denk hierbij aan een dertiende maand, een bonus of de uitbetaling van vakantiedagen. Deze extraatjes verhogen uw jaarinkomen en kunnen ervoor zorgen dat u achteraf toeslag moet terugbetalen.

Hoe aanvragen (Stap-voor-stap)

Het aanvragen van huurtoeslag doet u digitaal via de website van Dienst Toeslagen. U heeft hiervoor uw persoonlijke DigiD nodig. Het proces is volledig kosteloos en kunt u eenvoudig zelf uitvoeren.

Hieronder vindt u de stappen die u moet doorlopen om een succesvolle aanvraag in te dienen bij de overheid:

  1. Stap 1: Log in op Mijn Toeslagen - Open uw internetbrowser en navigeer naar de officiële website van Dienst Toeslagen. Klik op de inlogknop en gebruik uw DigiD om veilig in te loggen. U kunt er ook voor kiezen om in te loggen met de DigiD-app op uw telefoon.
  2. Stap 2: Start een nieuwe aanvraag - Zodra u bent ingelogd, ziet u een overzicht van uw lopende toeslagen. Zoek naar de sectie voor huurtoeslag en klik op de knop om een nieuwe aanvraag te starten voor het lopende kalenderjaar.
  3. Stap 3: Voer uw huurgegevens in - Pak uw huurcontract of de meest recente brief over uw huurverhoging erbij. Vul de kale huurprijs exact in. Vul daarnaast de subsidiabele servicekosten in. Dit zijn de specifieke kosten voor schoonmaak, energie, huismeester en gemeenschappelijke ruimten, tot maximaal 12 euro per post.
  4. Stap 4: Geef uw huishouding op - Vul in of u alleen woont of dat u toeslagpartners of medebewoners heeft. Zorg ervoor dat de gegevens overeenkomen met de inschrijvingen in de gemeentelijke basisadministratie (BRP) om vertraging in de verwerking te voorkomen.
  5. Stap 5: Schat uw jaarinkomen - Vul uw verwachte bruto jaarinkomen in voor het hele kalenderjaar. Als u een partner of medebewoners heeft, moet u ook hun inkomens invullen. Wees hierbij realistisch en rond uw schatting liever iets naar boven af om naheffingen te voorkomen.
  6. Stap 6: Controleer en verstuur de aanvraag - Loop alle ingevulde gegevens zorgvuldig na in het overzichtsscherm. Klopt alles? Klik dan op de knop om de aanvraag definitief te verzenden naar Dienst Toeslagen. U ontvangt direct een digitale ontvangstbevestiging.

Na de verzending start Dienst Toeslagen met de beoordeling van uw aanvraag. Dit proces duurt meestal tussen de vier en acht weken. U ontvangt eerst een voorschotbeschikking waarin staat hoeveel toeslag u maandelijks zult ontvangen. De uitbetaling start direct op de eerstvolgende twintigste dag van de maand.

Als u niet beschikt over een computer of moeite heeft met de digitale systemen, kunt u hulp inschakelen. U kunt een formulier opvragen via de Belastingtelefoon om de aanvraag op papier te doen. Ook zijn er in veel gemeenten gratis hulppunten, zoals de bibliotheek of het sociaal wijkteam, die u kunnen ondersteunen bij de aanvraag.

Praktische Voorbeelden

Om de werking van de inkomens- en huurregels te verduidelijken, bespreken we vier verschillende praktijksituaties. Deze voorbeelden zijn representatief voor veelvoorkomende huishoudens in Nederland.

Scenario 1: De student

  • Situatie: Sanne is 22 jaar en huurt een zelfstandige studio in Utrecht. Zij studeert aan de universiteit en heeft een bijbaan in de horeca om haar studie te betalen.
  • Inkomen: Haar bruto jaarinkomen uit haar bijbaan is 15.500 euro. Haar kale huur is 650 euro per maand. Daarnaast betaalt zij 20 euro aan subsidiabele servicekosten per maand. Haar vermogen op haar spaarrekening is 4.000 euro.
  • Resultaat: Sanne voldoet aan alle eisen voor de rekenhuur, het inkomen en het vermogen. Zij ontvangt een maandelijkse huurtoeslag van ongeveer 280 euro.
  • Uitleg: Omdat haar studio zelfstandig is en haar rekenhuur (670 euro) onder de grens van 879,66 euro ligt, heeft zij recht op de bijdrage. Haar lage inkomen zorgt voor een hoge tegemoetkoming, waardoor wonen in Utrecht voor haar betaalbaar blijft.

Scenario 2: De alleenstaande werknemer

  • Situatie: Thomas is 30 jaar en werkt fulltime als administratief medewerker bij een logistiek bedrijf. Hij woont alleen in een huurappartement in de sociale sector.
  • Inkomen: Zijn bruto jaarinkomen is 29.500 euro. Zijn rekenhuur bedraagt 720 euro per maand (kale huur van 690 euro plus 30 euro subsidiabele servicekosten). Zijn spaargeld bedraagt 12.000 euro.
  • Resultaat: Thomas heeft recht op huurtoeslag. Hij ontvangt maandelijks een bedrag van ongeveer 110 euro.
  • Uitleg: Hoewel zijn inkomen hoger is dan dat van een gemiddelde student, ligt het nog ruim onder de afbouwgrens voor alleenstaanden bij deze specifieke huurprijs. Door de glijdende schaal ontvangt hij een lagere toeslag dan Sanne.

Scenario 3: Het echtpaar / Gezin

  • Situatie: Mark en Linda wonen samen met hun twee jonge kinderen in een eengezinswoning van een woningcorporatie. Zij zijn geregistreerd partner en dus toeslagpartners van elkaar.
  • Inkomen: Hun gezamenlijke bruto jaarinkomen is 38.000 euro. Hun rekenhuur bedraagt 820 euro per maand. Hun gezamenlijke spaargeld is 8.000 euro.
  • Resultaat: Het gezin heeft recht op huurtoeslag en ontvangt maandelijks ongeveer 165 euro.
  • Uitleg: Dienst Toeslagen telt de inkomens van beide partners op. Omdat zij kinderen hebben en de huurprijs relatief hoog is, ligt de inkomensgrens voor het huishouden ruimer dan bij alleenstaanden. Dit zorgt ervoor dat zij toch ondersteuning krijgen.

Scenario 4: De gepensioneerde

  • Situatie: Mevrouw de Vries is 72 jaar en woont alleen in een seniorenflat met een lift. Zij ontvangt een AOW-uitkering en een klein aanvullend pensioen uit haar eerdere loopbaan in de zorg.
  • Inkomen: Haar totale bruto jaarinkomen is 21.000 euro. Haar rekenhuur is 680 euro per maand. Haar spaartegoed bedraagt 18.000 euro.
  • Resultaat: Mevrouw de Vries ontvangt maandelijks ongeveer 225 euro aan huurtoeslag.
  • Uitleg: Voor ouderen gelden vaak gunstigere rekenregels bij de bepaling van de toeslag. Haar stabiele inkomen zorgt voor een betrouwbare maandelijkse uitbetaling. Haar vermogen blijft ruim onder de limiet van € 36.952.

Veelgemaakte Fouten

Veel huurders lopen toeslag mis of moeten achteraf grote bedragen terugbetalen. Dit komt meestal door eenvoudige fouten in de aanvraag of door het te laat doorgeven van wijzigingen.

Hieronder vindt u de meest voorkomende fouten die u absoluut moet vermijden:

  • Foutieve inschatting van het inkomen: Als u uw jaarinkomen te laag inschat, ontvangt u maandelijks te veel toeslag. Dit moet u na afloop van het jaar in één keer terugbetalen. Schat uw inkomen daarom altijd liever iets te hoog in. Mocht blijken dat u minder heeft verdiend, dan krijgt u het resterende bedrag achteraf alsnog uitbetaald.
  • Onzelfstandige kamers opgeven: Veel studenten vragen per ongeluk toeslag aan voor een kamer in een studentenhuis. Omdat zij de keuken of het toilet delen, hebben zij hier geen recht op. Dit leidt bij controle altijd tot een verplichte terugbetaling van de volledige ontvangen toeslag.
  • Wijziging toeslagpartner niet melden: Als er iemand bij u komt wonen, kan deze persoon uw toeslagpartner worden. Als u dit niet direct doorgeeft via Mijn Toeslagen, bouwt u een schuld op bij Dienst Toeslagen. Dit geldt ook als u gaat scheiden of uit elkaar gaat.
  • Servicekosten verkeerd optellen: Niet alle servicekosten tellen mee voor de rekenhuur. Alleen de vier wettelijke posten mogen worden opgeteld, elk tot een maximum van 12 euro. Andere kosten zoals internet of parkeerkosten mag u niet opgeven. Als u dit wel doet, is uw opgegeven rekenhuur te hoog.
  • Vergeten de jaarlijkse huurverhoging door te geven: Woningcorporaties geven de huurverhoging vaak automatisch door aan de Belastingdienst, maar bij particuliere verhuurders moet u dit zelf doen. Als u dit vergeet, ontvangt u mogelijk te weinig toeslag.
  • Het vermogen van medebewoners negeren: Bij de huurtoeslag telt het vermogen van medebewoners (zoals uw volwassen kinderen) wel degelijk mee voor de toets. Als een van de medebewoners meer spaargeld heeft dan € 36.952, vervalt het recht op toeslag voor het hele huis.

Berekeningen en Tabellen

De hoogte van de huurtoeslag wordt berekend via een ingewikkelde wettelijke formule. De overheid maakt gebruik van de basishuur. Dit is het deel van de huur dat u altijd zelf moet betalen. Dit eigen risico stijgt naarmate uw toetsingsinkomen hoger is.

Bover de basishuur vergoedt de overheid een percentage van de resterende huur. Dit noemen we het subsidiepercentage. Dit percentage ligt tussen de 60 en 100 procent, afhankelijk van hoe dicht uw huur bij de kwaliteitskortingsgrens ligt.

Rekenvoorbeeld: Voorbeeld berekening huurtoeslag (alleenstaande)

U kunt op de website van Dienst Toeslagen een proefberekening maken. Deze rekentool geeft u vooraf een nauwkeurige indicatie van uw maandelijkse toeslag op basis van de meest recente parameters.

De exacte berekeningsformule houdt rekening met de zogenaamde normhuren. De overheid stelt vast wat een acceptabel deel van het inkomen is om aan huur uit te geven. Alles wat daarboven komt, komt in aanmerking voor subsidie. De berekening wordt uitgevoerd door geautomatiseerde systemen van de Belastingdienst.

Bijzondere Situaties

Er zijn situaties waarin de standaardregels voor de huurtoeslag niet direct van toepassing zijn. In deze gevallen gelden er vaak uitzonderingen of aanvullende voorwaarden.

Verhuizing naar een nieuwe woning

Als u verhuist naar een andere woning, moet u dit direct doorgeven. Dienst Toeslagen past uw toeslag aan vanaf de eerste dag van de maand die volgt op uw verhuisdatum. Uw inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie (BRP) is hierbij leidend.

Als uw nieuwe woning een rekenhuur heeft die boven de grens van € 879,66 ligt, verliest u in principe uw recht op toeslag. Er geldt echter een uitzondering als de verhuizing noodzakelijk was vanwege een medische reden of een herstructurering van de wijk door de woningcorporatie. U moet dit dan schriftelijk kunnen aantonen.

Wijziging in het huishouden

Als u gaat trouwen of gaat samenwonen, heeft dit direct invloed op uw toeslag. Uw nieuwe partner wordt uw toeslagpartner. Vanaf dat moment tellen beide inkomens mee. Dit geldt ook als u gaat scheiden. Zodra een van u zich uitschrijft op het adres, stopt het partnerschap voor de toeslag.

Bij het overlijden van een toeslagpartner past de Belastingdienst de toeslag automatisch aan. Het inkomen van de overleden partner telt vanaf de maand na het overlijden niet meer mee. Dit zorgt ervoor dat de achterblijvende partner niet direct in financiële problemen komt door de huurlasten.

Werken als zelfstandige (zzp)

Als zelfstandige heeft u geen vast maandsalaris. Uw toetsingsinkomen staat pas vast na afloop van het jaar, wanneer uw belastingaangifte is verwerkt. Pas uw geschatte inkomen gedurende het jaar direct aan als uw omzet stijgt of daalt om naheffingen te voorkomen.

Als u start als ondernemer, kunt u gebruikmaken van de startersaftrek en de zelfstandigenaftrek. Deze posten verlagen uw belastbare winst en daarmee ook uw toetsingsinkomen voor de toeslagen. Dit kan ervoor zorgen dat u toch in aanmerking komt voor huurtoeslag, ondanks een redelijke omzet.

Co-ouderschap en toeslagen

Bij co-ouderschap wonen de kinderen afwisselend bij beide ouders na een echtscheiding of het verbreken van een samenwoning. Dit heeft directe gevolgen voor de huurtoeslag. In de Basisregistratie Personen (BRP) staat een kind immers altijd op slechts één woonadres ingeschreven. De wet op de huurtoeslag maakt het echter mogelijk om het kind voor de toeslag bij beide ouders mee te tellen als medebewoner van de woning.

U moet hiervoor een schriftelijk verzoek indienen bij Dienst Toeslagen. Bij dit verzoek voegt u een kopie van het ouderschapsplan of het echtscheidingsconvenant waaruit de zorgverdeling blijkt. De belangrijkste voorwaarde is dat het kind minimaal drie hele dagen per week bij u woont. Door deze regeling kunnen beide ouders aanspraak maken op de ruimere huurgrenzen en inkomensvoorwaarden die gelden voor gezinnen met kinderen. Dit voorkomt dat een van de ouders na de scheiding moet verhuizen naar een kleinere of ongeschikte woning.

Tijdelijk verblijf in een zorginstelling

Als u vanwege een medische behandeling of revalidatie tijdelijk in een zorginstelling moet verblijven, behoudt u in de regel uw recht op huurtoeslag voor uw eigen woning. De voorwaarde is dat u de intentie heeft om terug te keren naar uw woning en dat de huur doorloopt.

U moet deze situatie wel melden aan de Dienst Toeslagen als het verblijf langer duurt dan een half jaar. Zij kunnen dan om een medische verklaring vragen om het recht te verlengen. Dit voorkomt dat u uw woning moet opgeven tijdens uw herstel.

Jaarlijkse Wijzigingen

De overheid past de parameters voor de huurtoeslag elk jaar aan op de inflatie en de loonontwikkeling. Voor het jaar 2026 zijn er verschillende belangrijke wijzigingen doorgevoerd.

  • Stijging van de huurgrenzen: De maximale rekenhuur voor huurders vanaf 21 jaar is verhoogd naar 879,66 euro. Dit zorgt ervoor dat meer huurders in de vrije sector alsnog in aanmerking komen voor ondersteuning.
  • Aanpassing van de vermogensgrenzen: De vermogensgrens voor alleenstaanden is gestegen naar 36.952 euro. Dit stelt huurders in staat om iets meer spaargeld aan te houden zonder direct hun toeslag te verliezen.
  • Verhoging van de uitkeringsbedragen: Door aanpassingen in de basishuurformule ontvangen de meeste huishoudens in 2026 maandelijks een iets hogere bijdrage dan in het voorgaande jaar.

Deze wijzigingen zijn onderdeel van een breder pakket aan maatregelen om de koopkracht van lagere inkomens te ondersteunen. De betaalbaarheid van huurwoningen staat hoog op de politieke agenda in Den Haag. De verwachting is dat ook in 2027 de grenzen verder zullen worden verruimd als de inflatie aanhoudt.

Huurders hoeven de jaarlijkse aanpassingen in principe niet zelf door te geven. Dienst Toeslagen verwerkt de nieuwe parameters automatisch in de voorschotbeschikkingen voor het nieuwe kalenderjaar. U ontvangt deze beschikking meestal in de loop van de maand december.